De plantencollectie bij OpdeHaar tuinen – BOS PLANTEN (Schaduw tolerante planten)

Op deze paginas, informatie over en/of foto’s van anemone, aralia, begonia grandis, calanthe, cardamine, chloranthusepimedium, helleborusimpatiens(bizzy lizzy) mossen, paddenstoelenpodophyllum, dysosma, polygonatum, (smilacena, disporum, disporosis), pulmonaria, tiarellatrillium en nog meer bos planten(miscellaneous).    Onder Miscellaneous zijn er foto’s van de volgende planten: allium ursina, arum, asarum, chrysosplenium, cornus, deinanthe, diphylleia, hacquetia, hepatica, lamium, lysichiton, mandragora, mertensia, mukdenia, omphalodes, pachyphragma, peltoboykinia, pollemonium, rabdosia, rubus, sanguinaria, saruma, soldanella, tricyrtis, uvularia, vinca     Vergeet niet te kijken bij aroids,araceae, hosta en varens – ook bos, schaduw tolerante planten.

Alle foto’s waren in onze tuin genoemen.

Klik op de foto’s voor een grotere beeld, een slideshow en soms extra informatie

Het gedrag en behoeften van schaduw tolerante planten

 

Om beter in staat te zijn om en het gedrag en behoeften van planten te verstaan is het raadzaam om eerst enkele basisfeiten van fotosynthese en plantenvoeding op een rij te doen. Klik hier om te lezen over het gedrag en behoeften van schaduw tolerante planten

 

Schaduw Planten op “Vroege Vogels”

 

Terwijl zoeken op internet blijft een bron van informatie, Cor van Gelderen heeft recent een heel informatief boek over schaduw planten geschreven. Dat heeft hij bij ons in de tuin besproken – luistert u naar een deel van een uitzending van Vara’s “Vroege Vogels”.  

 

Anemone

Aralia

Begonia grandis

Begonia grandis

Begonia grandis ssp Evansiana, een winterharde soort, komt in China en Japan voor maar is bij ons in de tuinwereld nog niet goed, althans niet goed genoeg, bekend. De afgelopen winter, 2008/9, was geen probleem voor onbeschermde planten bij ” Op de Haar” maar ik zou wel maatregelen treffen als er ooit een Elfstedentocht op komst was – tot min 8 of 10 graden lijkt niet een probleem te zijn voor dit begonia soort. Zelfs een korte blik op de foto is voldoende voor een leek om een begonia vast te stellen en waarschijnlijk juist hierdoor lopen veel mensen in de eerste instantie de plant in de tuin voorbij omdat ze denken dat het een huisplant is dat als een soort tijdelijke noodvulling voor een gat is gebruikt. Tja, het gaat ook hier om een bladplant waarvan de vaal rose bloemen zijn alles behalve spectaculair – desgewenst is er ook een soort met witte bloemen. Maar, kijk even en met een beetje aandacht voor plantenpositioneering dan zie je dat de achterkant van de bladeren zijn spectaculair rood. Als ‘t kan, zorg dat men de beplanting van de zijkant benardert of dat planten op een verhoging tov een pad zijn geplaatst ; dan is de reactie gegarandeerd anders. Verder voelt dit begonia het meest thuis in de schaduw, optimaal met wat vocht erbij. Dit alles gezegd, een plant dat eens goed doorworteld is kan ook redelijk goed tegen wat droogte en een  dosis zon, mits niet de hele dag. Bij de eerste vorst sterven de bovenaardse delen van de plant af om weer in de loop van april  boven de grond te verschijnen – hoe meer zon, hoe eerder vindt dit laatste plaats. Zo langzamerhand begint een beeld van een ideale schaduwplant hopelijk te vormen  en juist in ‘t voorjaar ontdekt U een bonus wanneer jonge planten beginnen te ontkiemen van de bulblets die tussen de bladderen en de stam tijdens het afgelopen jaar hebben ontwikkeld ;er is beslist geen spraken van woekeren hier  maar er zijn voldoende kleintjes om , desgewenst, meer exemplaren makkelijk op te kweken. Tot slot, een leuke plant om schaduw op te frolijken , makkelijk te groien en propageren en iets van een raadsel voor mij dat je ‘t nog zo zelden ziet.

Calanthe

 

 

Cardamine

 

Chloranthus

Chloranthus zijn bosplanten afkomstig van oostelijk Azië en Japan waar ze goed bekend zijn; hier in het westen kom je ze nog zelden tegen. Ik heb nog niets substantieel op het Internet over het gebruik van Chloranthus als tuinplant kunnen vinden met uitzondering van een artikel in het Engels door Tony Avent van de befaamde Plant Delights kwekerij in de VS. (Zijn beschrijving kunt u in het Engels lezen. Kort samengevat, Hr Avent vertelt dat er zijn rondom 17 soorten Chloranthus en dat ze bloeien in de lente op stengels van tussen ongeveer 30 tot 90 cm lang met geurende, witte bloemen met een vorm dat doet men aan een klein Callistemon (Lampenpoetser) denken. De planten zijn ook in China als smaaktoevoegingen voor thee in gebruik. Bovendien behoren ze tot de vroegst bekende bloeiende oerplanten – een feit waarmee je kunt de buren gaan imponeren! In de tuin geven ze de voorkeur aan een plek die niet uitdroogt, in lichte schaduw en zijn, althans ook in mijn ervaring, verder niet moeilijk. Voor een wat dieper botanische inzicht raad ik u aan om in de “Flora of China”op Internet te gaan kijken. Wij zijn planten voor het eerst tegen gekomen in de Engelse kwekerij “Cotswold Garden Flowers” enkele jaren geleden waar de bijna pikzwarte bladderen hebben ons gedwongen om te gaan kijken wat voor een plant daar stond. Volgens etiket ging het om Chloranthus fortunei “Domino” maar sindsdien geloven wij dat de plant is eigenlijk C. sessilifolius “Domino” want de bladderen hebben nagenoeg geen stelen. De foto toont onze plant aan en, vooral in de lente krijgt het aandacht en spontane opmerkingen van bezoekers waaronder heel vaak verzoeken om waar planten te koop zijn. Terwijl ik heb begrepen dat Chloranthus fortunei vol zon in de rotstuin in de Engelse Wisley Garden staat (zelf nog niet gezien), kan ik wel meedelen dat onze plant in lichte schaduw laat goed weten als het wat aan de droge kant komt te staan. “Domino” is een selectie met bijzondere donker bladkleur in de lente maar dit gaat toch langzaam naar donker groen bij het naderen van de zomer. Wij hebben veel zaad in september kunnen oogsten en dit is bij ons vers gezaaid en partijen zijn aan twee bevriende kwekers gegeven – nu zitten wij af te wachten! In Augustus 2015 heb ik vragen over de beschikbaarheid van Chloranthus hier in Nederland gesteld. Ik heb C.fortunei stekken bij De Kleine Plantage gekregen en C.oldhamii bij Tuingoed Foltz; deze laatste plant is afkomstig van een Taiwan verzameling dat wordt door de Britse echtpaar Bleddyn en Sue Wynn-Jones van Kwekerij Crug Farm in Wales gedaan. (Berichten vanuit kwekers in Engeland wekken het indruk op dat vermeerderen door splitsing van de plant riscant is en, daardoor en met alleen 1 volwassen plant, heb ik dat nog niet geprobeerd en uitsluitend zaad gezaaid.) Zoals met vele dingen in het leven, op het punt dat ik begon te denken dat Chloranthus tot een toekomst van onbekendheid in het westen was gedoomd, kwam ik Kwaliteits Planten tegen waar u kunt schitterende planten waaronder Chloranthus via mailorder krijgen. Ik heb gelijk 15 planten besteld en kreeg ze eind Augustus 2015 binnen; begin oktober waren ze zo fors gegroeid dat ik heb ze opgepot en ze overwinteren nu in de kas. Als ze iets op mijn “Domino” gaan lijken dan hebben wij nog een waardevolle “nieuwe” tuinplant in ons midden zeker gezien het feit dat er was verteld dat ze zijn d.m.v. weefselkweek vermeerdert. De saga zet zich voort!

 

Als u hier aanklikt, kunt u meer over onze ervaringen met het kweken en identificeren van chloranthus gaan lezen.

 

Epimedium

Er zijn talloze Epimedium (“Elfenbloem”) varianten en de foto’s hier zijn een klein voorbeeld van wat u bij ons aantreft. In de regel doen ze het goed in droge schaduw en spreiden door middel van rhizomen. Sommige varianten zoals E. X youngianum soorten zijn bijna-woekeraars en zijn goede bodem bedekkers. Oud blad kunt u rondom februari afknippen om de lente bloemen beter te zien – pak maar uw Helleborus ook tegelijk aan! Nederlandstalige informatie over Epimediums op Internet blijft wat achter die in het Engels dus stel ik voor dat u hiermee begint: https://nl.wikipedia.org/wiki/Epimedium. Om het verhaal compleet te maken moet ik toevoegen dat Epimediums vinden gebruik als medicinale kruiden in China.

Helleborus

Terwijl er meerdere botanische soorten Helleborus bestaan, wil ik het hier hebben over soorten dat in de winter en vroeg in de lente maanden gaan bloeien.  Samen met sneeuwklokjes (Galanthus) dreigen deze soorten een bijna-cultus status te bereiken en dat is ook begrijpelijk want ze kondigen het voorjaar en een nieuw tuinjaar aan! Helleborus niger, de kerstroos, komt vanuit bossen in het Alpen gebied en met zijn witte bloemen komt heel vroeg in bloei, dat kan vanaf januari buiten en zelfs door een sneeuwlaag zijn; voorgetrokken exemplaren zijn ook volop bij tuincentra en op kerstmarkten ook te verkrijgen. Terwijl de bloemen hebben de neiging om naar de grond te hangen bestaan er selecties en hybriden waar bloemen meer naar boven zijn gericht. Helleborus orientalis (de Lente roos) en diens hybriden beginnen wat later te bloeien maar zorgen voor een ware schilderspalet van bloemkleur, vorm (enkel, dubbel en meer) en patroon (kleuren met een spikkel en noem maar op) en dat zijn de sterren van de Helleborus Dagen bij allerlei kwekers dat vanaf februari beginnen – tik “helleborusdagen” in een Internet zoekmachine en u kunt uw maand vervolgens gaan plannen! Koopt u planten dat komen eindelijk in de tuin terecht maar zijn een ware festijn blad en bloemen in de pot dan is het raadzaam om goed te controleren dat  het wortelgestel nog ruimte in de pot heeft. Soms zijn de wortelen zo dicht op elkaar gepakt (“pot-bound”) dat ze zullen enorme moeite hebben om in de volle grond snel genoeg te ontwikkelen om de plant te blijven ondersteunen. Opkweken van helleborussen in de tuin gaat heel gemakkelijk mits u herinnert waar ze vandaan komen en dat in gaten houdt. In de regel hebben ze liefst wat kalk in grond dat goed waterdoorlatend en humusrijk is. Planten komen in de winter maanden in beweging en hebben voedsel nodig dus in de herfst is het raadzaam aan een lichte bemesting te gaan denken. Zelf heb ik een zure grond ( pH 4 tot 6,5) en merk dat ik moet bij sommige helleborussen inderdaad met kalk gaan strooien. Bij iets zoals een rhododendron kan dit ongewenst zijn en dan kan je wel aan kalk-leverende tactieken zoals stukjes cement onder je plant gaan verzinnen. Dat gezegd, de meeste helleborus hybriden doen het heel redelijk in een licht zure bodem. H.niger soorten kunnen redelijk diepe schaduw hebben maar H.orientalis en de hybriden groeien het beste in lichte schaduw met wat zon erbij.  

 

Helleborus met de netnecrisis virus of “Black Death” – gelukkig NIET genomen in onze tuin!
 

Gelukkig zijn konijnen en ree geen liefhebbers van de planten en ze zijn redelijk vrij van ziektes maar …. Helleborus netnecrosis virus (HeNNV ) ofwel “Black Death” is een dodelijke ziekte dat wordt door luizen verspreid en komt in heel Europa voor. Besmetting gaat vaak eerst zonder symptomen dan merkt u dat de plant blijft achter met de groei en dit gaat vaak gepaard met opvallend zwarte vlekken op de bladderen/stengels die vervolgens afsterven – dit wordt anders dan het gewoon verrotten van een oud blad. Besmette planten, samen met mogelijk geïnfecteerde planten, moet men verbranden. Behandelen tegen luizen helpt om verspreiding te voorkomen maar deze ernstige ziekte kan natuurlijk funest voor een kweker zijn omdat er geen middel tegen is.   Aanvullende Internet aanwijzingen in het Engels vindt u op het Engels versie van onze website.      

 

Impatiens (Bizzy Lizzy)

Impatiens omeiana
 
Impatiens omeiana 

Even min bekend is de winterharde zuster van “vlijtig liesje” ofwel Impatiens omeiana dat een vondst van Dan Jacobs op Omei Shan ( Emei Berg) , zuidoost Sichuan, China in 1983. Dit is ook een hele mooie bladplant voor een niet al te droge plek in de schaduw waar ‘t geleidelijk pollen met een hoogte rondom 30 cm vormt. Tijdens de nazomer komen er gele  trompetachtige bloemen eraan maar dit zijn echter ondergeschikt aan de sierwaarde van de bladderen.

Impatiens omeiana
Impatiens omeiana
 

Het vinden van Impatiens omeiana was ook iets van een uitdaging voor mij en mijn exemplaren zijn van Kwekerij Fahner (Deurningen) in de lente van 2009 afkomstig. Eind november 2009 – de warmste november maand in meer dan een eeuw – heb ik de planten met een strook knoppenfolie afgedekt en dat medio maart 2010 verwijdert. Elders in de tuin heb ik geen enkel maatregel genomen. Begin april waren jonge sprietjes duidelijk aanwezig in beide plekken en daarom lijkt winterhaardheid geen probleem te zijn tot minstens – 10 graden celsius. Inmiddels ( 2014) weten wij dat de winterhardheid van Impatiens omeiana geen enkel probleem is. Tegenwoordig tref je het wel wat vaker aan bij kwekerijen maar nog niet in de tuincentra, ondanks zijn tamenlijk makkelijke kweekkarakteristieken. Er zijn ook minstens twee varianten verschenen . ”Ice Storm” is een plant waarop de leuke bladvariegatie van de soort is grotendeels door een soort waaz over het bladoppervlak gewist – eigenlijk voor mijn smaak een achteruitgang. Nog veel zeldzamer en, voor mij, minstens even mooi zo niet mooier dan de soort zijn planten met een donkere bladkleur. ”Silver Pink” ofwel ”Silver and Pink” is makkelijk op Internet als een voorbeeld hiervan te vinden. Ik heb deze donkerbladige soort nog niet in Nederland gevonden maar wel recent bij Pan Global Plants in Engeland.

  
Wortelgestel van Impatiens omeiana “Sango”

De kweker, Nick Macer, had het zelf bij een Deense kwekerij gevonden als een soort mutatie midden in een groep gewone Impatiens omeiana en heeft een naam ”Sango” eraan vastgeplakt – het zal in alle waarschijnlijkheid hetzelfde als ”Silver Pink” zijn.  Met een oog naar de opvallend roze bladnerven, de naam “Pink Nerve” is nu vrijwel overal in Europa in gebruik. Taxonomische overwegingen terzijde is het een mooie plant en een waardevolle aanvulling van de soort.  Alle twijfel over de winterhardheid van Impatiens omeiana en diens rood-bladige varianten ( Sango of Red Nerve) is nu, begin 2017, weg. Binnen de beschutting van ons bos zijn de eerste scheuten begin maart al aanwezig, ondanks lichte nachtvorsten. Het is ook duidelijk, althans bij ons, dat de rood-bladig cultivar is een zeer krachtige plant met een geprononceerde spreidingsdrang. Het gevaar komt in de vorm van een hele taaie wortelgestel net onder het bodem oppervlak en dat kan vooral kleinere planten verdringen. De aangrenzende foto geeft een idee van wat ik bedoel. Gelukkig is een stuk plastic gazonrand voldoende om deze uitbreiding te beperken.

 

 

Mossen

 

 

Wij hebben veel mossoorten in onze tuin. Deze planten vermeerderen zich door sporen, net als de varens, maar zij zijn eenvoudiger van bouw. Ze hebben stengels en bladen, maar geen echte wortels, alleen veranderende stengels die wortelachtige aanhangsels, rhizoiden, vormen. Er zijn 3 belangrijke mossoorten – bladmossen, levermossen en korstmossen. Vaak ziet U alle 3 soorten mossen op een plek.   Bladmossen vormen sporen in kapsels waar ze na rijping of door een kleine opening met kracht worden uitgeslingerd  of vrijkomen via vier spleten of, zoals bij de meeste mossen, door een opening of mond die te voorschijn komt, nadat het deksel is afgevallen. Levermossen zijn ofwel plat en gelobd van bouw of hebben kleine bladen in 3 rijen. Korstmossen zijn opgebouwd uit een schimmel in nauwe relatie (symbiose) met een wier  

Paddenstoelen

Wij hebben weinig verstand van paddenstoelen, maar er verscheenen heel veel in het bos vooral in het najaar en met vochtig weer. Ik hoop dat de identiificatie klopt, maar vertrouw het niet.   Paddenstoelen als zwavelkopjes, inktzwammen, oesterzwammen en elfenbankjes voeden zich met afstervend hout en tasten geen gezond hout aan. Het gewoon meniezwammetje, die vooral op dode takken voorkomt, kan ook levend hout aantasten. Deze zwam is te herkennen aan de vele oranjerode stippen op afgestorven takken. Ook de echte honingzwam groeit op zowel levend als afgestorven hout en wortels in loofbossen. Ook grondpaddenstoelen leven van afgestorven materiaal.

Klik op de foto hieronder om paddenstoelen in onze tuin te zien

Mushrooms

 

Podophyllum and Dysosma

Podophyllums zijn decoratieve bladplanten voor schaduwrijke plekken, liefst met een vochtige bodem, en zijn daardoor perfect voor een bostuin. Samen met een verrassend aantal andere bosplanten, zijn ze bij de familie Berberidaceae ingedeeld maar een meer gericht overzicht voor podophyllums zelf krijgt u bij https://nl.wikipedia.org/wiki/Podophyllum. Gedetailleerde informatie over de verschillende soorten is volop aanwezig op Internet en daarom zal ik mij tot eigen ervaringen en recente ontwikkelingen beperken.   Podophyllum peltatum komt in het oosten van de V.S. tot in Canada voor en is bij de meeste tuincentra te verkrijgen. Over de jaren, het breidt zich uit van een ondergrondse rhizoom, is makkelijk te vermeerderen en is verder vrijwel onverwoestbaar mits er voldoende vocht en lichte schaduw aanwezig zijn. Bloemen in mei zijn wit en rode vruchten komen later in het jaar – beiden onder de bladderen. Er zijn rapporten van een plant met roze bloemen (P.peltatum var deamii ) maar verder is er vrijwel geen variatie in de soort. Niets is minder waar voor de Aziatische variant ofwel Podophyllum hexandrum dat ook makkelijk bij ons te verkrijgen is. Deze plant komt in natuur voor in een gebied dat strekt vanaf zuid=oost Afghanistan, rondom de heuvelen aan de randen van de Himalaya gebergte tot in China. Opvallend zijn de uiterst, met zwart gevlekte, decoratieve bladderen en er kan wel opvallende verschillen hierin voorkomen; daarnaast, zijn er bloemkleuren vanaf wit tot rood en eindelijk opvallend rode zaaddozen. In mijn ervaring is een plek in de tuin met wat beschutting het beste (naast een oude boom stam of in de luwte van een heester) want te veel late vorsten kunnen P.hexandrum ernstig verzwakken – althans in mijn ervaring.

Naast P.hexandrum zijn er een aantal andere heel opvallende Aziatische Podophyllum soorten die je bij sommige kwekerijen/specialisten weleens aantreft en tegen een hogere prijs! Daarbij komt u nog steeds de wat oudere namen van Dysosma en heel soms Sinopodophyllum tegen maar eigenlijk is alles nu Podophyllum. Vooral Podophyllum veitchii (synoniem is P.delavayi) en P. difforme komt u hier in Nederland tegen en bij ons trekken de hele getekende bladderen van P.veitchii altijd commentaar en verbaasde aandacht.

Toch zijn deze heel decoratieve Aziaten niet krachtige planten zoals de Amerikaanse P.peltatum en de betrekkelijk hoge prijzen geven aan dat vermeerderen geen makkelijke klus is. Vooral Amerikaanse planten kwekers hebben zich hier hun deskundigheid op losgelaten en het resultaat begint u bij verschillende kwekerijen te zien in de vorm van de onvergetelijke naam van Podophyllum “Spotty Dotty”Foto’s zijn hierbij en de geheimen van deze hybride zijn in het Amerikaanse octrooi PP17361 onthuld. Naast de vanzelfsprekend decoratieve bladderen is het van commercieel belang dat vermeerderen met behoudt van alle decoratieve eigenschappen d.m.v. weefselkweek mogelijk is en daarom kunt u deze uitzonderlijke plant vanaf ongeveer 5 Euro aantreffen. Zijn zaad ouder is/was een complex hybride vanuit Japan en stuifmeel kwam van een geselecteerde vorm van P.delavayi. Enkele jaren geleden heeft Hans Kramer van Kwekerij De Hessenhof mij met een exemplaar geconfronteerd met de gevreesde vraag “Ken je deze?”. Dat het een podophyllum was heb ik probleemloos gezien maar toen ik zei dat “Het moet van de V.S. afkomstig zijn” kreeg ik een knikje en het commentaar dat “Je kent hem dan” te horen. Neen maar zo een benaming zou alleen een Amerikaan kunnen bedenken!! Maar, u moet toegeven dat het uiterst commercieel knap is – de naam vergeet je nooit! Ik kocht 3 planten en ze hebben over 3 jaren een opvallend leuke pol gevormd. Toen ‘swinters kreeg ik uitzonderlijk hoge waterstanden vanwege een geblokkeerde afwateringssloot. In de lente bleek dat het hele middenstuk van de pol weg was. Ik dacht dat de rhizomes verrot waren maar toen verschenen er tientallen kleine “Spotty Dotty“-achtige plantjes. Deze heb ik uitgegraven en in verschillende plekken uitgeplant en ze doen het allemaal heel goed en trekken feilloos commentaar van tuinbezoekers. De plant is net zo probleemloos als P.peltatum en waarschijnlijk makkelijk van wortelstek (?)

Om het verhaal goed af te ronden moet ik erbij vertellen dat er nog een Amerikaanse hybride in de handel is onder de naam Podophyllum “Kaleidoscope” en dat wordt ook door een octrooi beschermd – PP14460. Terwijl “Kaleidoscope” bestaat wat langer dan “Spotty Dotty” komt u het minder vaak tegen bij ons. Toen ik voor het eerst jonge planten zag vond ik hun sierwaarde duidelijk minder dan die van “Spotty Dotty” en, bovendien, was er voor mogelijk winter gevoeglijkheid gewaarschuwd- ik liet ze links liggen. Sindsdien heb ik wel meerdere keren lofliederen over de uitmuntende sierwaarde van “Kaleidoscope” gelezen en gaat u foto’s op Internet zoeken dan zijn er inderdaad schitterende exemplaren te zien – ook planten die beduidend minder zijn. Of er gewoon veel meer variatie in de hybride is of factoren zoals leeftijd en staanplaats een grotere rol spelen, weet ik niet maar gaat u zelf maar kijken.  Vanuit de vakliteratuur zie ik dat er blijken heel aantrekkelijke jonge planten te zijn en zodra ik zelf een tegen kom dan ga ik het ook uitproberen. Vanuit de literatuur is het duidelijk dat kwekers in de V.S. bezig met decoratieve podophyllums zijn geweest en er is een hele leuke Engelstalige uiteenzetting hierover van Dan Heims. Zijn opmerkingen over winter hardheid zijn ook heel nuttig.

  Polygonatum, Smilacena, Disporum en Disporopsis

 

Pulmonaria

 

Tiarella

 

  Trillium

 

  Miscellaneous – Nog meer bos – schaduw tolerante planten

Onder Miscellaneous zijn er foto’s van de volgende planten: allium ursina, arum, asarum, chloranthus, chrysosplenium, cornus, deinanthe, diphylleia, hacquetia, hepatica, lamium, lysichiton, mandragora, mertensia, mukdenia, omphalodes, pachyphragma, peltoboykinia, pollemonium, rabdosia, rubus, sanguinaria, saruma, soldanella, tricyrtis, uvularia, vinca 

Klik op de foto hieronder om meer bosplanten in onze tuin te zien

Woodland shade tolerant plants

Terug naar boven